Spraak-taalproblemen algemeen

Wat is een spraak- en taalontwikkelingsstoornis?
Men spreekt van een spraak- en taalontwikkelingsstoornis (TOS) als een jong kind in zijn spraak en taal duidelijk achterblijft bij zijn leeftijdgenootjes. Het kind spreekt (nog) niet of opvallend minder; het spreekt in onvolledige, kromme zinnen; het spreken is minder goed verstaanbaar en soms begrijpt het kind niet goed wat er gezegd wordt.
Een spraak- en taalontwikkelingsstoornis kan samenhangen met andere stoornissen zoals slechthorendheid of een algehele achterstand. Maar het komt ook voor dat het kind slecht spreekt zonder dat er een duidelijke oorzaak voor gevonden wordt.

Een stoornis in de spraak- en taalontwikkeling geeft problemen: het kind wordt door de omgeving niet begrepen en kan zich niet goed uiten. Dit kan tot gedragproblemen leiden: het kind wordt opstandig en driftig als het niet begrepen wordt of het gaat zich juist steeds meer terugtrekken. Ook het leren op school kan moeizamer verlopen.

Wat doet de logopedist?
De logopedist onderzoekt uitgebreid de spraak en taal van het kind. Daarbij wordt gebruik gemaakt van gestandaardiseerde testen en observatielijsten. Verder onderzoek en evt. behandeling door een kinderarts of KNO-arts kan nodig zijn.

De logopedische behandeling is indirect en/of direct. Bij een indirecte therapie begeleidt en instrueert de logopedist de ouders of verzorgers in de manier waarop ze het kind tot spreken kunnen stimuleren. Bij de directe logopedisch behandeling staat de wisselwerking tussen kind en logopedist centraal. De logopedist traint het taalbegrip en verbetert het luistergedrag; er wordt gewerkt aan woordenschat, de zinsbouw en de uitspraak. Bij kinderen die nog niet of nauwelijks spreken krijgen de voorwaarden om tot spreken te komen aandacht: het gebruiken van taal voor een bepaald doel, het imiteren van een ander, het oogcontact, het nemen van beurten. De ouders of verzorgers worden zoveel mogelijk bij de behandeling betrokken.
In de therapie wordt rekening gehouden met de totale ontwikkeling van het kind, de eventuele bijkomende problemen en de mogelijkheden in de omgeving van het kind.

Het resultaat van de behandeling hangt onder andere af van de oorzaak van de spraak-taalontwikkelingsstoornis. In het algemeen geldt dat een spraak- en taalontwikkelingsstoornis goed te behandelen is, zeker als de problemen op jonge leeftijd onderkend worden. Al voor hun tweede jaar kunnen kinderen bij een logopedist terecht.

Het onderzoek en de behandeling van een spraak- en taalontwikkelingsstoornis wordt meestal vergoed door de ziektekostenverzekeraar, na verwijzing door huisarts, consultatiebureau-arts/jeugdarts of medisch specialist.

Op de website www.kindentaal.nl staat meer informatie en een test waarmee u eventueel naar uw huisarts of consultatiebureau-arts/jeugdarts kunt gaan voor verwijzing.

Download hier de folder Kind en Taal

Bron: NVLF